ZON
Ik was weer uitgewoed. Om te bedroeven
wilde ik zijn op een open, lege vlakte.
Verwijzingen zocht ik om aan iets
en iemand te ontsnappen, maar niet
ver van huis boden zich alleen
havens aan, randweg, centrum -
zo nadrukkelijk had dat niet gehoeven.
Voorbij alle afslagen hield een grote zon
die onder moest mij ten slotte staande.
Bij de bloedrode kitsch oefende ik voor straks
mijn mimicry. Stralend opgaan zou ik, doen
verbleken, doodlopen, geen twijfel aan.
|
- gedicht:
Frieda Snel
© 1999
- beeld: emile budé
|