dichtend
|
-
LICHT
De tafel van vier versiert, twee maal mij en zij
alles als gereed
aardewerk, tafelkleed,
allicht ons bestek, een zilveren rij
Ik roep naar boven,
kom naar beneden
wij hebben honger, trek
Ze stijgt naar onder - het licht
die ogen
zij doen vergeten het eten,
de tafel zo wonderschoon gedekt
|